Interview Eva Hoebink - Peter van de Locht


De Kunstambassadeurs vertellen over hun favoriete kunstwerk in de openbare ruimte van Almere. Aan het woord Eva Hoebink, Kunstambassadeur van het kunstwerk ‘Zonder Titel’ van kunstenaar Peter H. van de Locht aan het C. van Eesterenplein in Buiten.

“In de groene zone op het Van Eesterenplein in Almere Buiten staat een drie meter hoog non-figuratief kunstwerk van de Duits-Nederlandse beeldhouwer Peter H. van der Locht. Het plastiek is opgebouwd uit verschillende soorten carrara marmer. Dit marmer is afkomstig uit de marmergroeven ten oosten van de stad Carrara in het noordwesten van Toscane (Italië). Ook de kunstenaar Michelangelo maakte gebruik van dit marmer.



De kunstwerken van Van de Locht laten steeds zijn zoektocht naar harmonie zien waarin het gebruik van natuurlijke materialen een bepaalde rol speelt. Het beeld is vooral bedoeld als een rustpunt in dit hectische leven. De sculptuur aan het Van Eesterenplein is een autonoom beeld. De gemeente Almere heeft het kunstwerk destijds aangekocht na een bezoek aan het atelier van de kunstenaar.

Peter H. van de Locht is op 9 november 1946 geboren in de Duitse plaats Millingen. Via een privéopleiding in 1960, studies aan Werkkunstschulen in Krefeld en Wuppertal, studies beeldhouwkunst bij Hein Wimmer en Guido Jendritzko, vertrok hij naar Nederland waar hij van 1977 tot 2005 doceerde aan de Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem en Nijmegen. In Duitsland en Nederland zijn in meerdere steden beelden van hem te bewonderen. Naast beeldhouwer is hij ook musicus (hij studeerde sonologie aan de universiteit in Utrecht), componist en graficus. In 2008 werd hij benoemd tot hoogleraar beeldhouwkunst aan de universiteit in Shanghai, waar hij werkt en woonachtig is.



It is necessary always to come back to Sculpture. She is the Master and the Mother of Solace, She opens Channels, the obstructing Waves, depletes herself completely and reverts in the Sea of Energies. - Peter H. van de Locht

In eerste instantie viel mij het kunstwerk, er in tempo langs fietsend, niet op. Geplaatst tussen de witte abelen met het hoge riet erachter, hoge gras ervoor en begroeiing ernaast (hoog zomer). In de winter werd mijn oog er naartoe getrokken en ging ik dit werk van dichtbij bekijken. Het was liefde op het eerste gezicht. In het voorjaar toont het zich in alle schoonheid. Met weinig begroeiing in de omgeving en het warme groene voorjaarsgras begint het wit in het beeld te stralen, de donkere aders lijken donkerder en het abrikoos/roze deel geeft een wondermooie verstilde zachtheid weer.”